Wanneer het loont
Een meertalige website loont als een belangrijk deel van je klanten jouw taal niet spreekt: toerisme, watersport, export, diensten voor nieuwkomers, bedrijven bij een grens of in internationale steden. Talen toevoegen «voor de volledigheid» loont niet: elke taal moet op termijn onderhouden worden.
Welke talen je kiest
Ga uit van gegevens: waar je klanten vandaan komen, welke talen je team het vaakst hoort, uit welke landen aanvragen komen. Liever drie volledige, verzorgde talen dan acht halve.
Engels is vaak de juiste tweede taal, maar niet altijd: voor een bedrijf vlak bij de Duitse grens kan Duits belangrijker zijn.
Elke taal moet volledig zijn
Een half vertaalde versie doet meer kwaad dan geen vertaling. Ook menu’s, knoppen, formulieren, foutmeldingen, alternatieve teksten van beelden en titels en beschrijvingen voor zoekmachines moeten vertaald worden. En de taalwissel moet naar de overeenkomstige pagina leiden, niet naar de homepage.
In elk land gevonden worden
Elke taal heeft eigen adressen nodig (bijvoorbeeld /nl/ voor Nederlands) en koppelingen die zoekmachines vertellen welke pagina’s bij elkaar horen. Zo vindt wie in het Duits zoekt de Duitse versie.
Automatische vertalingen zijn een goed vertrekpunt; belangrijke teksten — de homepage, de diensten, de voorwaarden — laat je het best nakijken door een moedertaalspreker.
- Aparte adressen per taal
- hreflang-koppelingen tussen de versies
- Vertaalde titels en beschrijvingen
- Controle van kernteksten door moedertaalsprekers
